verhaal

Trots als een pauw!

Juni 1970 zag ik het eerste levenslicht,
ik werd geboren in het huis dat mijn vader twee jaar ervoor zelf had gebouwd, hij was aannemer. Alle huizen in de straat, zeg maar heel de wijk heeft mijn vader met zijn bouwbedrijf neergezet. Deze plaats was bijzonder, mijn vader had in zijn jonge arme jaren op iedere centimeter grond peeën gedund.
Ons huis pronkt prachtig op de hoek van de straat,aan de overkant liggen uitdagend en trots de voetbalvelden, met daarnaast aan één kant een benzine station. Aan de andere kant, voorheen een braakliggend terrein. Toen ik een jaar of zes was heeft mijn vader daar een heuse kinderboerderij neergezet. We hadden kippen, geiten, schapen, ganzen en pauwen, later kreeg ik nog een paard.
Vanaf de zijkant van het huis kijken we zo de polder in met prachtige weilanden
en een oude kloosterdijk. Het kantoor van het bouwbedrijf was gevestigd aan de achterzijde van ons huis, met zo’n tweehonderdvijftig man personeel in dienst, was het daar door de dag heen een drukte van je welste.
Drukte was er ook bij de voetbal- vereniging tegenover, waar toch wel het halve dorp inclusief mijn vader en broers voetbalde.
In 1979 besloot mijn vader om een eigen sporthal te bouwen met sportzaal en tennisbanen.Hier was het dorp aan toe, vanaf acht uur s ’morgens tot twaalf uur s’avonds waren alle banen en zalen bezet, en de kantine was de best lopende kroeg van ons dorp.Onze Sporthal werd de ontmoetingsplaats van het dorp,jong en oud wist de weg hier naartoe te vinden.
Het bouwbedrijf is niet meer en de sporthal is jaren geleden overgenomen.Ook mijn vader is niet meer… maar zijn levensdoel en zijn passie,zijn de fundering geweest van onze straat.De straat die zijn glorie nooit verloor.
Mijn moeder woont nog steeds heel graag in deze straat.Hier kom ik thuis, hier voel ik me thuis… de straat die nog steeds aanvoelt als MIJN straat.

No Comments
kort verhaal verhaal

Misofonie

Het liefst trek ik die zak chips uit de handen van mijn zoon, verschrikkelijk zeg.
‘Mam wat is er nou?’
Ik murmel wat onverstaanbaars en zeg dat ik me erger aan iets wat me niet lukt.
‘Wat ga jij nou doen?’ vraag ik mijn dochter zwaar geïrriteerd.
‘Mam hou nou eens op, ik ga een tomaat eten.’
Godverdommen ik zou die tomaat zo door de kamer willen gooien, ze lijkt wel een maalmachine als ze eet. Onopgemerkt ga ik naar boven.
‘Mam oma is er!’
‘Oké ik kom er aan.’
Oh mijn god! Mijn moeder eet een appel van de schaal, d’r gebit klapt alle kanten op.
‘Mam ik maak even koffie, en dan gooi ik er snel even een was in.’
Ik kan het niet aanhoren, verschrikkelijk zeg ik gooi de was erin en kom terug als ze de appel op heeft. daarna drinken we koffie.
‘Mam, zit eens niet zo te wiebelen met je voeten. Dat is echt een zenuwtikje.’
Bam, bam, bam, de jongste vindt het schijnbaar leuk om met een bal tegen het raam aan te gooien, nog even en ik snijd die bal aan stukken. Ik gil een keer naar buiten en de rust is weer wedergekeerd.
We zitten met z’n allen in de kamer, de spanning is te snijden. Niemand durft zelfs meer te ademen, ze hebben allemaal door dat mijn spanningsboog hoog is. Hier word ik gek van he!
‘Oh wat een verschrikkelijke stilte hier, zet eens even wat geluid aan, de tv of radio of zo.’ Brul ik.
‘Nu word het toch onderhand wel eens tijd dat jij je laat behandelen tegen je misofonie denk je niet? dit gaat zo toch niet langer? Iedereen loopt hier op zijn tenen.’ Zegt mijn moeder ernstig.
‘Je hebt gelijk, dit hou ik niet vol.’

No Comments